Huiszwaluw

Huiszwaluw

Huiszwaluwen zijn makkelijk te herkennen aan hun opvallende witte stuit. Vanaf eind april zoeken ze hun nesten van vorig jaar weer op. Die metselen ze meestal onder dakranden aan de gevels van huizen en andere gebouwen. Daarin worden honderden klompjes modder verwerkt. Ze broeden graag in kleine of grotere kolonies bij elkaar, aan boerderijen en woningen in open gebied, liefst in de buurt van water. Maar ook nieuwbouwwijken aan de rand van dorpen en steden zijn erg in trek. Huiszwaluwen hebben meestal twee legsels per jaar en soms zijn er in september nog jongen van een derde legsel. Per nest brengen ze drie tot vijf jongen groot. Een huiszwaluwpaar met jongen vangt wel 9.000 vliegende insecten per dag. Het zijn dus erg nuttige vogels.

Huiszwaluwpaar op nest. Foto : Geert Drogt.

Huiszwaluwpaar op nest. Foto : Geert Drogt.

Het aantal Huiszwaluwen is sinds 1960 met meer dan 75% afgenomen. Gelukkig is er de laatste jaren een licht herstel van de populatie. De belangrijkste bedreiging blijft het verhinderen van de nestbouw of het verwijderen van de nesten, ook al is dat tijdens het broedseizoen (van april t/m september) verboden. Hierdoor kunnen de Huiszwaluwen onvoldoende nakomelingen krijgen om de enorme verliezen tijdens de jaarlijkse trektocht naar Centraal Afrika te compenseren. Slechts een derde van het aantal Huiszwaluwen overleeft die tocht.
De reden dat niet iedereen blij is met huiszwaluwnesten aan zijn huis is de overlast die ze kunnen geven. Vooral doordat de jongen netjes buiten het nest poepen. En dat kan op ongewenste plekken terecht komen zoals ramen, zonneschermen of bij de voordeur. De beste oplossing is dan het plaatsen van een plankje op minstens 50 cm onder het nest zodat het in- en uitvliegen niet wordt gehinderd. Door het plankje een paar cm vrij van de muur te houden wordt voorkomen dat een andere Huiszwaluw er een nest onder gaat maken.

Nest huiszwalus. Foto : Wilfried de Jong.

Nest huiszwaluw. Foto : Wilfried de Jong.

Soms is het aanbrengen van een plankje niet mogelijk. In dat geval kan men voor het volgende seizoen de nestbouw op zo’n ongewenste plaats verhinderen, bijvoorbeeld door het aanbrengen van gaas of een glad oppervlak op de gevel waardoor de modder niet kan hechten. Een of meer kunstnesten op plekken aan het huis waar ze geen overlast geven kunnen er dan hopelijk voor zorgen dat de Huiszwaluwen na terugkomst in de lente hun vaste nestplek weer vinden.

Voor vragen en advies kunt u contact opnemen met de werkgroep Huiszwaluwen: huiszwaluw@vogelwerkgroepnijmegen.nl

Share Button