Broedvogelinventarisaties

Eén van de bijna oneindig veel manieren om met vogels bezig te zijn, is door broedvogels te inventariseren. Dat kan, heel laagdrempelig en in je eigen woonplaats, via het Meetnet Urbane Soorten (MUS). Deze methode kost relatief weinig tijd (drie tellingen van anderhalf uur per jaar) en brengt de verspreiding en de aantallen van stadsvogels in kaart. Op de site van SOVON (https://www.sovon.nl/nl/MUS) vind je hoe je je kunt aanmelden.

Voor wie het iets grondiger en nauwkeuriger zou willen aanpakken, is het zogenaamde Broedvogel Monitoring Project (BMP) (Van Dijk & Boele 2011) een mooie optie. Je kiest een gebied uit – een gebied waarmee je zelf een binding hebt of dat je graag beter zou willen leren kennen, of een gebied met een hoge vogelpotentie – en je probeert gedurende een (voor)jaar in kaart te brengen welke vogelsoorten er broeden en in welke aantallen zij dat doen. Het gaat dan om zingende vogels of om vogels die op een andere manier op broeden wijzen. Een groot deel van de Gelderse Poort wordt jaarlijks op deze manier bekeken door tal van leden van de Vogelwerkgroep Rijk van Nijmegen en omstreken, maar ook in andere delen van het werkgebied kunnen broedvogelinventarisaties erg leuk en waardevol zijn! Zo zijn de afgelopen jaren onder meer de broedvogels van de Bruuk (Groesbeek), de Elshof (Malden), het Leurse Bos (Wijchen), de Jansberg (Milsbeek) en de Hatertse en Overasseltse Vennen (Heumen) in kaart gebracht.

Als je zin hebt om zelf de broedvogels van een gebied (een heel nieuw gebied of een gebied waar reeds eerder geteld is) te gaan inventariseren, of als je vragen hebt over het inventariseren van broedvogels, kun je dat kenbaar maken door een mail te sturen aan de Coördinator Broedvogelinventarisatie binnen de VWG Nijmegen. Hij helpt je graag verder. Als je al weet hoe de vork in de steel zit, kun je alles ook zelf regelen via de claimpagina op de website van SOVON, waar bijvoorbeeld ook te zien is welke eerder getelde gebieden momenteel vacant zijn.

Share Button